
Motorrijders lopen een verhoogd risico in het verkeer, vooral omdat ze minder zichtbaar zijn dan andere weggebruikers. Hieronder is uitgelegd welke gevaren er zijn, waarom ze optreden, en wat je zelf kunt doen om het risico te verkleinen.
Andere weggebruikers zien je te laat of helemaal niet
- Klein silhouet: Een motor is veel smaller dan een auto, dus valt minder op.
- Visuele onderschatting: Mensen schatten de snelheid en afstand van motoren vaak verkeerd in.
- Dode hoeken: In spiegels ben je sneller “onzichtbaar”.
- Aandacht ligt elders: Vooral in druk verkeer letten automobilisten eerder op andere auto’s dan op motoren.
Slecht zicht door weersomstandigheden of duisternis
- Regen, mist of donker weer maakt je nog minder zichtbaar.
- Glans van nat wegdek of laagstaande zon kan je volledig “verstoppen”.
Visuele “vervuiling”
- Drukke omgevingen (reclames, gebouwen, bomen) maken het moeilijk om een motorrijder te onderscheiden van de achtergrond.
Wat kun je hier zelf aan doen?
Verbeter je zichtbaarheid actief:
- Draag opvallende kleding: Felle kleuren en reflecterende elementen maken je visueel opvallender.
- Zorg voor goede verlichting: Dagrijverlichting, extra LED’s of reflectoren helpen.
- Kies een lichte of opvallende helm: Wit of fluorescerend werkt beter dan zwart.
Houd rekening met anderen:
- Rijd strategisch: Positioneer je zodanig dat je zichtbaar bent in spiegels.
- Voorkom dode hoeken: Vooral bij vrachtwagens en bussen is dit cruciaal.
- Maak oogcontact: Bij kruisingen of uitritten weet je dan zeker dat je gezien bent.
Gedrag maakt het verschil:
- Gebruik je remlicht bewust: Even tikken op je rem bij vertraging trekt aandacht.
- Maak kleine stuurbewegingen: Dit maakt je visueel ‘bewegend’, wat meer opvalt.
- Gebruik je claxon indien nodig: Als je vermoedt dat iemand je niet heeft gezien.
Samenvatting:
Gevaren
- Je wordt te laat of niet gezien door andere weggebruikers.
- Slecht zicht door regen, mist of duisternis.
- Dode hoeken en visuele afleiding in het verkeer vergroten het risico.
Wat kun je zelf doen?
- Draag opvallende kleding met reflectie.
- Gebruik goede verlichting – dagrijlicht, extra lampen.
- Zorg voor een slimme rijpositie – vermijd dode hoeken.
- Maak oogcontact en wees voorspelbaar in je rijgedrag.
- Gebruik je remlicht bewust en claxon indien nodig.
- Gebruik je remlicht bewust: Even tikken op je rem bij vertraging trekt aandacht.
- Maak kleine stuurbewegingen: Dit maakt je visueel ‘bewegend’, wat meer opvalt.
- Gebruik je claxon indien nodig: Als je vermoedt dat iemand je niet heeft gezien.













