
Een lekke band onderweg kan iedereen gebeuren. Mocht jij een keer aan de beurt zijn, zorg dan dat je goed voorbereid bent, zodat niet iedereen beteuterd staat te kijken.
Voorbereiding (dit wil je altijd bij je hebben)
1. Reparatieset voor tubeless banden
Een tubeless reparatieset is vaak voldoende om weer veilig thuis of naar een garage te rijden.
- Wormen zijn flexibel en snel te plaatsen
- Paddenstoel-plugins sluiten vaak nog beter af, maar vragen iets meer handigheid
Belangrijk: alleen geschikt voor gaten in het loopvlak, niet in de zijwand.
2. CO₂-patronen of mini-compressor
Na het repareren moet de band weer op spanning.
- CO₂-patronen: compact en snel, maar vaak meerdere nodig voor een motorband
- Mini-compressor: iets groter, maar je kunt onbeperkt bijpompen
Een compressor geeft meer zekerheid bij langere ritten.
3. Bandenspanningsmeter
Zelfs na reparatie kan de spanning langzaam teruglopen.
- Dashboardwaarden zijn niet altijd nauwkeurig
- Met een losse meter kun je onderweg blijven controleren
Goed oppompen voorkomt oververhitting en extra slijtage.
4. Handschoenen + doekje
Een kleine, maar onderschatte tip.
- Beschermt tegen vuil, scherpe objecten en hitte
- Handig bij ketting-, rem- of wielwerk
Vooral langs drukke wegen wil je snel weer schoon en veilig verder.
5. Pechhulp / verzekering
Niet elk lek is te repareren.
- Scheuren, zijwandschade of binnenbandproblemen vereisen vervoer
- In het buitenland kan dit een hoop stress schelen
Check vooraf of motorpech en buitenland gedekt zijn.
Wat te doen als je merkt dat je band lek is
1. Blijf rustig en vermijd hard remmen
Een lekke band heeft minder grip en stabiliteit.
- Laat gas los
- Rem gecontroleerd, bij voorkeur met de motor rechtop
Vooral bij een voorbandlek is paniek remmen gevaarlijk.
2. Controleer welke band lek is
Het gedrag van de motor verraadt vaak welke band leegloopt.
- Achterband: zwabberend gevoel
- Voorband: zwaar sturen, instabiel
Met een lekke voorband liever niet doorrijden.
3. Zoek het lek
Neem de tijd om goed te kijken.
- Draai het wiel rond
- Let op kleine spijkers of schroeven
Markeer het lek voordat je het object eruit trekt.
4. Repareren (tubeless)
Volg de stappen nauwkeurig:
- Gat opruwen (zorgt dat de plug goed hecht)
- Plug stevig plaatsen
- Band oppompen tot juiste spanning
Controleer altijd of de plug niet uitsteekt.
5. Rij daarna rustig
Ook al voelt alles goed:
- Vermijd hoge snelheden en harde acceleratie
- Check de spanning na 10–20 km
Zie het als een tijdelijke oplossing.
Wanneer NIET doorrijden
Scheur of snee in de band
- Structurele schade → kans op klapband
Onmiddellijk stoppen en hulp inschakelen.
Lek in de zijwand
- Zijwand beweegt te veel voor een veilige reparatie
Pluggen is hier onveilig.
Binnenband gescheurd (spaakvelgen)
- Reparatie langs de weg is complex en tijdrovend
Vaak beter om vervoer te regelen.
Band meerdere keren snel leeg
- Mogelijk meerdere lekken of velgprobleem
Doorrijden kan gevaarlijk worden.
Preventie (scheelt 90% ellende)
1. Bandenspanning regelmatig checken
- Te lage spanning → meer warmte en kans op insnijdingen
Minstens elke 2 weken controleren.
2. Goede bandenkwaliteit
- Oude banden worden hard en bros
- Profiel zegt niet alles over conditie
Let ook op productiedatum (DOT-code).
3. Vermijd rommel op de weg
- Vluchtstroken en bermen liggen vol scherp afval
Zeker na regen extra opletten.
4. TPMS (bandenspanning-sensoren)
- Waarschuwt direct bij drukverlies
- Geeft je tijd om veilig te stoppen
Vooral fijn op lange snelwegritten.
Extra tip voor groepsritten
Materiaal verdelen
- Niet iedereen hoeft alles mee
- Spreek af wie plugset, pomp en meter heeft
Scheelt gewicht en dubbele spullen.













